Koken met Mark #4: Rijstkom met kipomelet

Dit is een eenvoudig maar stevig gerecht, geschikt voor lunch of diner. Je krijgt het mooiste resultaat wanneer je een kom en een pannetje met ongeveer dezelfde diameter hebt.

Benodigdheden:

  • 100-150 gram gepaneerde kipfilethaasjes
  • 2 eieren
  • 1 bosui
  • witte rijst
  • saus naar keuze (zoetzuur werkt het beste)
  • peper

Bereiding:

Kook de rijst. De hoeveelheid mag je zelf weten, en zou ik afstemmen op je hongergevoel.

Snij een bosui in kleine snippers. Klop vervolgens de eieren tot het een geel goedje is. Hier kun je de ui en wat peper aan toevoegen. Roer het nog een beetje door.

Snij de kipfilethaasjes doormidden, dan hebben ze een mooie maat. Mocht je het trouwens leuk vinden, dan kun je dit natuurlijk ook zelf de stukken filet paneren. Ik heb zelf ontdekt dat mijn talenten elders liggen, dus koop ik ze al voorgepaneerd.

DSC_0285

Doe wat olie in het pannetje en gooi de kipstukken erin. Op dit moment komt er een klein beetje (*slik*) timing bij kijken. Het moment om het ei erbij te gooien is het moment dat de kip rondom bruin begint te worden, maar nog niet helemaal gaar is van binnen. De omelet en het ei moeten namelijk ongeveer tegelijkertijd klaar zijn.

Als je het mooi wilt doen, leg dan de kipstukjes even op een rij voordat je het ei erbij gooit.

DSC_0287

Tegen de tijd dat het klaar is kun je de rijst in de kom scheppen. Leg vervolgens de omelet met kip eroverheen, zodat het de rijst mooi bedekt. Nu hoeft alleen de saus er nog over. Ik heb deze keer gekozen voor tonkatsu-saus, maar pak gerust wat je lekker vindt. Een zoetzure saus past het beste bij de smaak van het gerecht. Voor het toevoegen van de saus kun je de omelet op enkele plekken nog inprikken, zodat de saus ook langzaam opgenomen wordt door de rijst.

DSC_0290

Eet smakelijk!

Koken met Mark #3: Onigirazu

Onigirazu is een alternatieve, eenvoudigere versie van onigiri. Onigiri is een van oorsprong Japans gerecht, waarbij rijst in een bal of driehoek wordt gekneed en daarna wordt verpakt in nori (zeewier). De vulling ervan kan echter van alles zijn, wat het net zo veelzijdig maakt als een boterham. Daar kun je immers ook alles op gooien wat je lekker vindt.

Onigiri heeft vaak originele verschijningsvormen, maar de standaard driehoek is al lastig voor elkaar te krijgen. Niet zo zeer het maken, maar vooral het heel houden is lastig wanneer de rijst niet plakkerig genoeg is. Onigirazu to the rescue, want die hoeft niet perse mooi te zijn. Het is wel net zo lekker en blijft gewoon heel.

Een ander voordeel is dat je dit op elk moment van de dag kunt eten. Afhankelijk van de vuling is onigirazu een gezond ontbijt, een smakelijke lunch, een verrassend veelzijdig diner (misschien iets meer maken, alhoewel het snel vult) en ook ’s avonds als snack niet geheel ondenkbaar.

Voordeel 314 (ik sla er even een aantal over, ik heb het druk) is dat het snel te maken is.

In dit recept beschrijf ik twee mogelijke vullingen:

  • tonijn/mayonaise
  • lunchworst/omelet

Benodigdheden voor 2 varianten onigirazu

  • eieren
  • blikje lunchworst
  • blikje tonijn op waterbasis
  • mayonaise
  • norivellen
  • rijst, het liefst een rondere korrel, want deze kleven beter
  • eventueel peper en/of zout

DSC_0171

Voorbereiding

Kook de rijst, en zorg dat deze niet te droog wordt. Het hoeft niet maximaal te kleven, maar wel een beetje. Klop ondertussen de eieren en voeg peper/zout naar smaak toe. Snij twee plakken lunchworst af.

Doe de tonijn in een schaal en voeg 2 eetlepels mayonaise toe. Roer dit goed door elkaar totdat je een mooi mengsel hebt.

Bak daarna de omelet. Zorg dat het ei niet te veel uitloopt in de pan, liever houden we de omelet wat compacter en dikker. Als je een klein pannetje hebt is dat ideaal. Ik ga er zelf een kopen in ieder geval.

Bak vervolgens de plakken lunchworst totdat ze aan beide kanten bruinig zijn. Leg ze daarna opzij bij de omelet zodat deze allebei wat af kunnen koelen.

DSC_0176

Stapelen

Leg een vel zeewier op een bord, en schep er wat rijst op. Verdeel het gelijkmatig over het midden. We beginnen eerst met het tonijn/mayonaisemengsel, deze verspreiden we lekker dik bovenop de laag rijst. Dit dekken we vervolgens af met een nieuwe laag rijst.

Bereidt ook een tweede bord voor met een vel nori en rijstlaag. Bovenop deze rijstlaag leggen we de lunchworst en de omelet en dekken we ook weer af met een rijstlaag.

DSC_0177 DSC_0178 DSC_0179 DSC_0180DSC_0182 DSC_0183

Hoewel ik normaal gesproken een groot voorstander ben van enthousiasme moet ik hier wel een kleine waarschuwing plaatsen. Maak van de vulling geen enorme berg, anders kom je tijdens het vouwproces in de problemen. De zeewiervellen kunnen dan namelijk gaan scheuren.

Vouwen

Vouw de punten van het zeewierblad naar het midden toe en druk het stevig aan. Het moet er uit zien als een soort pakketje. Het vocht van de rijst zorgt ervoor dat het zeewier wat zachter wordt en zich aan de rijst gaat hechten. Eventueel kun je dit proces bespoedigen met vochtige vingers.

DSC_0181

Wacht een paar minuten en pak vervolgens het scherpste mes dat je in huis hebt om de ‘pakketjes’ doormidden te snijden.

Mocht je de onigirazu bereiden voor later, pak het dan in in plasticfolie en snij het pas doormidden wanneer je het gaat eten.

Eet smakelijk!

DSC_0187

Hammer of the Witches

Om te beginnen met de conclusie, het nieuwe album van het Cradle of Filth is zeldzaam sterk. En dat zag ik niet helemaal aankomen.

1000x1000

Ik ben fan van deze Britse band sinds de release van ‘Midian’ in 2000, en ondanks dat de band sindsdien flink wat albums heeft uitgebracht (varierend van ‘meh’ tot ‘yeah!’), prijkt ‘Midian’ nog altijd ver bovenaan mijn favorietenlijstje. Echter, ‘Hammer of the Witches’ zou daar wel eens verandering in kunnen brengen.

Het is niet zo dat er veel nieuwe dingen gedaan worden op dit album. Sterker nog, het is een COF-album volgens het boekje, bijna formulematig. Bombastische keyboardpartijen, gevarieerd gitaarwerk, kletterende drums en poëtische horrorteksten. The usual. Waarom dan toch dit enthousiasme?

Omdat elk nummer raak is. Elk compositie is relevant. De albums waarvan ik elk nummer goed vind zijn op één hand te tellen, maar dit is er zo een. En dat is vooral de danken aan de enorme bak gigantische gave gitaarriffs die dit album herbergt. Het gitaarwerk van de twee (nieuwe) gitaristen tilt deze plaat naar eenzame hoogten. De ene keer sfeervol, dan weer melodieus en vervolgens vol venijn, maar altijd interessant.

Ook de rest van de band zit hoorbaar vol vuur. De ritmesectie is creatief en de symfonische bombast perfect afgestemd op de rest van de muziek. Ook de zang van Dani Filth is krachtig, wat helaas live niet altijd naar voren komt de laatste jaren. Het zorgt voor de peper in de reet die toch wel op een aantal albums ontbreekt.

Persoonlijk hoogtepunt van de plaat is ‘The Vampyre at my Side’. Dit nummer bevat alles wat deze band kenmerkt, en weet vele stemmingen te combineren tot een kloppend geheel, waarbij vooral het climaxerende refrein indruk maakt.

Het nieuwe album van het Cradle of Filth is zeldzaam sterk. En dat zag ik niet helemaal aankomen.

 

IJsjes in de lucht

Gisteren kwam ik via een WeTransfer-advertentie (waar ik normaal nooooit op klik) terecht op de website van Danijel Cecelja, waar zijn nieuwste serie ‘Godmachine’ te vinden is.

Ik had nog niet eerder van deze Belgische artiest gehoord maar deze serie is erg tof. Het zijn een aantal surrealistische, met inktpen gemaakte kunstwerken die bol staan van de details en symboliek. Het is best apart (er zweven bijvoorbeeld ijsjes in de lucht), maar dat maakt het bijzonder.

0040_throne&room_33x50_2012

0077_gathering&large_33x50_2013

0130_porcupine_30x39_2011

Gaaf toch? Bekijk de rest op zijn website.

Koken met Mark #2: Ossenhaastournedos met honingspruitjes

Ik ben een spruitjesliefhebber. Dat is een redelijk eenzaam bestaan. Wanneer ik iemand vertel dat ik elke week toch wel 2 keer spruitjes eet word ik getrakteerd op gefronste wenkbrauwen, een welgemeend ‘echt waar?!?’, of een combinatie van deze twee.

Volgens mij lust iedereen spruitjes, mits je er maar wat leuks mee doet. Spruitjes koken en er vervolgens wat nootmuskaat overheen strooien zal het voor velen niet doen.

Een simpele methode om eigenlijk alles lekker te maken is kaas. Kaas is fantastisch en ik hoop dat de uitvinder ervan een goede zak geld heeft mogen ontvangen. Dit gaan we vandaag echter niet gebruiken, we moeten onszelf wel een beetje uit blijven dagen. Daarom gaan we honingspruitjes maken!

Om het af te maken bakken we er een lekker stuk vlees bij, een ossenhaastournedos.

Benodigdheden (uitgaande van 2 personen)

– 400 gram spruitjes uit zak
– 2 / 3 eetlepels honing
– 100 gram ontbijtspek
– 50 gram walnoten
– een potje met knoflook
– 2 stukken ossenhaas
– roomboter (ongezouten)
– peper en zout

DSC_0075

Voorbereiding

Snij als eerste de ontbijtspek in kleine reepjes. Dit wordt al snel een berg, wat erg veel lijkt, maar dit zal later tijdens het bakken slinken. Daarnaast zijn de walnoten zijn erg grof, dus deze snij ik ook wat kleiner.

DSC_0076

Besprenkel het vlees aan beide kanten met zout (heeeeeel klein beetje) en peper (leef je uit).

DSC_0080

De spruitjes bereiden

Bak het spek in een braadpan (een bescheiden vuurtje is prima) en strooi er wat knoflook overheen. Voor de knoflook zijn in dit geval niet zo veel regels. Je kan zelf wat teentjes persen als je het wat groffer wilt hebben, ikzelf draai het uit een potje.

Kook de spruitjes een aantal minuten. Niet te lang, zodra ze beetgaar zijn mag je ze van het vuur halen en even laten uitlekken in een vergiet. Gooi ze vervolgens in de pan bij het spek en de knoflook.

Hierna volgt de honing! Voeg hiervan 2 eetlepels toe (de echte zoetekauwen mogen er een eetlepeltje aan toevoegen). Laat het geheel ongeveer 10 minuten op matig vuur doorbakken en roer het af en toe om. Laat het geheel daarna nog een keer uitlekken. Gooi de honingspruitjes in een kom en strooi er wat walnoten doorheen. Klaar om te serveren!

Het vlees bakken

Het bakken van de tournedos behoeft totale aandacht en toewijding. De scheidingslijn tussen een mals,verrukkelijk stuk vlees en taaie rotzooi is erg dun.

Ik gebruik een grillpan en zodra de pan goed heet is (hoog vuur!) mag hier een goed stuk roomboter in (niet verlegen zijn). Leg daarna het vlees in de pan. Als het goed is hoor je het knisperen en sissen! Het vlees moet meteen dichtschroeien, anders wordt het droog. Beweeg de stukken af en toe ook een beetje.

DSC_0081

Afhankelijk van hoe je het vlees gebakken wilt hebben draai je de stukken na een x aantal minuten om. Ikzelf hou van ‘rare’, en met vlees van deze dikte is een minuutje of 3 aan elke zijde genoeg.

Voordat ik het vlees uit de pan haal leg ik de zijkanten van het vlees nog heel kort tegen de pan aan, zodat het rondom mooi bruin is.

Haal het vlees uit de pan en leg het op een bord om het daar 5 minuten te laten rusten. Dit haalt de ‘spanning’ uit het vlees, althans, dat heb ik me laten vertellen.

Het eindresultaat:

DSC_0082

DSC_0083

Eet smakelijk!

Rock Im Revier – mijn verslag

Ondanks dat ik graag naar het Belgische Graspop ga had ik daar dit jaar sterk mijn twijfels over. De line-up is bijna elk jaar wel sterk, maar begint ook wel wat repetitief te worden. Maar ja, je wilt toch graag een festival bezoeken.

Toen was daar het bericht dat het festival Der Ring, dat oorspronkelijk op de Nürburgring gehouden zou worden, was verplaatst naar Gelsenkirchen en omgedoopt was tot Rock im Revier. Twee uurtjes rijden vanaf mijn huis, interessant!

Wat nog veel interessanter was, waren de namen. Niet alleen mijn favoriete band Babymetal stond op de bill, ook andere gaafheid zoals Dir En Grey (mijn 2e favoriete Japanse band, hoe kan het?), Metallica (tienduizend metalfestivals bezocht en nog nooit eerder gezien, hoe kan het?), Muse, Epica, Airbourne en Testament.

Dat de verhuizing naar Gelsenkirchen een noodstap van de organisatie was, en dat de kaartverkoop totaal niet op gang kwam, wist ik op dat moment nog niet. Wie zich interesseert voor de voorgeschiedenis verwijs ik naar dit artikel. Ik wil niet te lang stilstaan bij de organisatorische blunders van dit festival. De gebrekkige organisatie heb ik met name ervaren in en rondom de Veltins-arena, waar het festival plaatsvond. De podia waren zeer slecht aangegeven (ik heb de Bang Stage nooit gevonden, al kwam daar voor mij niks interessants) en de looproutes waren redelijk absurd ingericht, waarbij je soms meerdere malen gefouilleerd werd wanneer je de ene stage voor de andere verruilde. Verder stonden de headliners voor een half gevuld stadion te spelen, wat pijnlijk duidelijk maakte dat dit festival ook een financieel fiasco geweest moest zijn. Ook voor de bands niet leuk.

Buiten dat heb ik (samen met mijn vader) een prima festival gehad. Sanitaire voorzieningen waren in orde, er was genoeg te eten en te drinken en het gebrek aan drukte zorgde er wel voor dat er nauwelijks gewacht hoefde te worden en dat de bands van dichtbij ervaren konden worden.

Vrijdag

Toen we de Veltins-arena binnen kwamen gelopen was Testament halverwege hun set. Met name de oudere nummers gingen er goed in.

Vervolgens begaven we ons naar de Boom Stage, waar Anathema hun ding deed. En met verve. Ik was onbekend met hun materiaal, maar hun gevoelige progrock wist me snel te pakken. Mooi!

Meshuggah wist te boeien met hun zware doch zeer technische metal, al is het soms onnavolgbaar wanneer je de nummers niet kent.

Hoogtepunt van vrijdag was Dir En Grey. Mede door de overlap met een deel van de show van Metallica (welke mafkees heeft het tijdschema in elkaar gedraaid??) en de regen stonden er misschien 30 mensen te kijken, wat ik vooral voor de band ontzettend jammer vond. Dir En Grey is wellicht wat onalledaags, maar verdient het om gehoord te worden. Kyo behoort tot de topklasse metalzangers, die man krijgt letterlijk elk geluid uit zijn strot geperst, van hoge uithalen tot zieke grunts. Er werden veel nummers van hun recente album Arche gespeeld, waardoor er helaas geen tijd was voor persoonlijke favorieten als Zan en Obscure, maar ondanks de beperkte opkomst wisten de Japanners een gemotiveerde show weg te zetten.

Afsluiter van de dag was Metallica. Naast een aantal onbekendere nummers die ze niet of nauwelijks eerder live hadden gespeeld werden we ook getrakteerd op leuke liedjes zoals One en Damage Inc. Helaas koelde het snel af, en aangezien we onze kledingkeus daar niet op hadden afgestemd zijn we voortijdig richting de camping vertrokken.

Zaterdag

We begonnen de dag met de laatste twee nummers van Orchid. Dat klonk dusdanig lekker dat we spijt hadden dat we niet een half uurtje eerder waren vertrokken.

Daarna Triggerfinger een kans gegeven, maar na het eerste nummer besloten dat we het niet mooi vonden.

Ook de sombere klanken van Paradise Lost konden ons niet bekoren, maar de zon scheen en het bier was koud, dus eigenlijk was er weinig om te klagen.

Tja, en toen Babymetal. ‘Leuk vermaak’ hoorde ik iemand zeggen. Maar dan doe je de band toch echt zwaar tekort. Als je met een mix van metal, j-pop, reggae, dubstep en hiphop nummers weet te schrijven die tegelijkertijd zowel catchiness als technisch vernuft bevatten, dan ben je gewoon fantastisch. Daarnaast benaderd de choreografie perfectie, en weet de stem van Su-metal me keer op keer te pakken. Ze kan namelijk goed zingen. Eigenlijk was het gewoon een geweldige show.

Tijdens het eten konden we genieten van de voor mij onbekende klanken van Eisbrecher. De zware Duitse zang en de hoekige gitaarriffs deden al snel aan Rammstein denken, al is Eisbrecher iets dansbaarder. Met name het nummer Miststück ging er in als koek, en werd de rest van het weekend nog vele malen door ons gezongen.

Ik wilde graag Limp Bizkit zien. Ik ben nooit echt van deze band geweest, maar ze hebben in het verleden wel aardige nummers uitgebracht en ik was benieuwd wat de band vandaag de dag brengt. Deze zin veranderde in weerzin na ongeveer 10 minuten. Frontman Fred Durst vond het nodig te melden dat hij nog steeds ‘horny’ was na het zien van Babymetal. Nu kan ik een goede grap waarderen, en het kan me soms niet zwart genoeg zijn, maar dit soort sneue pedograppen, neen. Dag Limp Bizkit.

Muse vind ik tof. Ik wil mezelf geen fan noemen, maar de band heeft een repertoire waaruit ik toch wel een aantal nummers sterk kan aanraden. Desondanks had ik nooit verwacht zo onder de indruk te zijn. Het geluid was nagenoeg perfect en de lichtshow was adembenemend. Ook de schermen wisten imponerende beelden te tonen, die daadwerkelijk de nummers wisten te versterken. De band startte ijzersterk met de nieuwe single Psycho, en wist met nummers als Newborn, Plug In Baby, Time is Running Out en Knights of Cydonia het laatste greintje twijfel uit mijn lichaam te rocken. Klasse.

Zondag

De zondag werd pas laat interessant, eigenlijk pas toen Epica aan hun show begon. Ik heb deze band nu ruim 30 keer aan het werk gezien, maar saai wordt het nooit. Kippenvel bij een van mijn favorieten Unchain Utopia, en nekpijn na de dakbreker Victims of Contingency. En als vanouds afsluiten met Consign to Oblivion, het wist me blij te maken.

Five Finger Death Punch. Zo’n band waar iedereen een shirt van lijkt te hebben, maar waar ik nog geen noot muziek van gehoord had. Sceptisch aan begonnen, maar naarmate de set vorderde werden de nummers steeds beter, waardoor FFDP zich wist te ontpoppen tot fijne wachtband.

1wachtband (de; m; meervoud: wachtbands)
1. Band die je gaat bekijken terwijl je wacht op de band waar je eigenlijk voor komt.

Van Judas Priest hebben we 3 nummers meegepikt, maar kon me niet boeien.

Sowieso was het tijd om naar de Boom Stage te gaan voor Airbourne! Feest! Niet lullen maar spelen! 5 kwartier lang speelden de Australiërs rock en roll met een onuitputtelijk enthousiasme.

Het contrast met headliner Kiss kon haast niet groter zijn. De show staat als een huis, maar van jeugdig enthousiasme is geen enkel spoor. Nu zijn deze mannen inderdaad de jongsten niet meer, maar toch. Daarnaast wist het geouwehoer en eindeloos gitaargepiel tussen de nummers me door me op den duur te irriteren. Ik wil liedjes horen! Ondertussen was ik ook wel redelijk gaar na 3 dagen rocken, dus wellicht speelt dat mee in mijn oordeel. De fans kregen waar ze voor kwamen, en daarmee is de headlinerstatus van deze band nog steeds terecht.

Ik twijfel of dit festival volgend jaar (of ooit) nog een vervolg gaat krijgen, want ik kan me niet voorstellen dat dit een financieel succes is geweest. Het maakt me ook niet zoveel uit. Dit weekend was in ieder geval geslaagd!

 

De donkere kant van Nepal

In de nasleep van de verwoestende aardbeving in Nepal regent het opiniestukken en velerlei andere vormen van berichtgeving omtrent deze gebeurtenis. Daarbij leer je ook wat van de culturele gebruiken van zo’n land. Onlangs leerde ik over het Gadhimaifestival, dat elke 5 jaar in het Zuiden van Nepal gehouden wordt.

Dit festival is echter alles behalve een gezellig onderonsje. Het is een Hindoestaans offerfestival, waarbij letterlijk tienduizenden onschuldige dieren worden afgeslacht. Onder andere buffels, geiten, kippen, ratten en varkens worden zonder enige vorm van berouw onthoofd. De reden? Hindoes geloven dat dit offer aan de godin Gadhimai hun geluk zal brengen.

Ondanks dat diverse protesten van dierenrechtenorganisaties wel wat invloed hebben gehad (minder dierenoffers in 2014) zal dit festival niet ophouden te bestaan zolang de Nepalese regering het toestaat onder het mom van traditie.

Deze video laat de verschrikkingen van dit festival zien, maar wees gewaarschuwd. De beelden zijn erg grafisch en kunnen als schokkend ervaren worden.

Ik had niet eerder van dit festival gehoord, maar wat hier gebeurt tart elke verbeelding. Uiteraard wil ik met dit stuk niets afdoen aan de aardbeving en de gevolgen voor het land en diens inwoners. Help de mensen zoals je zelf geholpen zou willen worden, mocht je zelf door zo’n ramp getroffen worden. Maar vertel ze wel even dat ze echt moeten stoppen met dat walgelijke festival.

Koken met Mark #1: Yakitori en Ingen No Goma-ae

Benodigdheden (2 personen):

– 500 gram kippendijfilet
– 120 ml sojasaus
– 60 ml mirin
– 60 ml sake
– 75 gram suiker (50 gram en 25 gram)
– sperzieboontjes
– 1 el ongepeld sesamzaad
– sateprikkers
– een bats met rijst

DSC_0019

Voorbereiding

Leg de sateprikkers in het water en laat ze een half uurtje nat liggen wezen. Dit voorkomt dat ze tijdens het bakken aanbranden.

Snij alvast de kippendijfilet in kleine stukjes / blokjes van ongeveer 1,5 centimeter. Het voordeel van filet is dat je het niet meer hoeft te ontbotten, waardoor de chaos iets minder groot wordt. Prik deze stukjes op de sateprikkers. Als variatie zou je er ook stukjes witte of groene ui tussen doen. Ik doe dat echter niet, want ik vind uien goor.

Je kan ook de rijst alvast koken. Mocht je nog geen rijstkoker hebben, bestel dan onmiddelijk deze en bedank me later. Je kan de rijst echter ook koken in een pannetje. Welke rijst je kiest maakt niet uit, kies vooral wat je lekker vindt.

Yakitorisaus

Gooi de sojasaus, mirin, sake en 50 gram suiker bij elkaar in een bak en mix het goed door. Kook het vervolgens ongeveer 10 minuten. Als het goed is wordt het wat dikker. Laat het niet te lang doorkoken, want dan wordt het te stroperig en gaat de suiker kristalliseren.

Goma-ae

Maal eerst de sesamzaadjes (1 el) fijn. Ik doe dit met een vijzel, want gaaf, maar het kan ook elektrisch. Voeg de gemalen zaadjes vervolgens bij de suiker (25 gram) en de sojasaus (1 el) en roer dit goed door elkaar.

DSC_0024

DSC_0025

Koken en bakken

Bak de gemaakte kipspiesjes in een grill- of braadpan zo’n 10 minuten op middelhoog vuur. Keer het regelmatig om, zodat alle zijden mooi bruin worden.

Kook tussendoor de boontjes zo’n 3 minuten. Door ze kort te koken blijven ze knapperig. Snij na het koken de puntjes eraf en snij de boontjes nog een keer doormidden.

Opdienen

Als de kipspiesjes klaar zijn kun je de yakitorisaus eroverheen schenken. Leg ze vervolgens op een bordje. Voor de gezelligheid zou je er nog wat sesamzaadjes overheen kunnen sprenkelen. Schep de rijst in een kommetje. Doe de boontjes in een bakje, gooi de Goma-ae erbij en verdeel het goed over de boontjes.

DSC_0027

Itadakimasu!

Een nieuw nummer van Leprous

Het eerste nummer van het komende album ‘The congregation’ staat online. Het heet ‘Rewind’ en ik ben er erg enthousiast over. Ruim 7 minuten aan progmetal van de bovenste plank. Hoe verder de track vordert, hoe beter het wordt. Laat dat album maar komen!